Hooligans in beeld: van veel blauw naar slim blauw

Bij het bestrijden van voetbalvandalisme is inzicht in de samenstelling en het gedrag van groepen problematische supporters noodzakelijk. Hierdoor treden probleemsupporters uit de anonimiteit en ontstaat een mogelijkheid om in een vroeg stadium te interveniëren. 'Hooligans in beeld' is een methode om de kennis- en informatiepositie van politie, OM, clubs, Rijk en gemeenten te verbeteren.

Voetbalvandalisme en voetbalgeweld vormen al jaren een hardnekkig probleem. Met enige regelmaat is er sprake van – ernstige – incidenten voor, na en tijdens voetbalwedstrijden, een ontwikkeling die autoriteiten en onderzoekers zorgen baart. Naast de verantwoordelijkheid die de autoriteiten hebben voor het handhaven van de openbare orde en het voorkomen en aanpakken van strafbaar gedrag is de omvang van de politie-inzet rondom wedstrijden een punt van aandacht. Om voetbalwedstrijden met zo min mogelijk politie-inzet te kunnen organiseren, moeten veel organisaties – waaronder de betaald-voetbalorganisaties – vanuit hun specifieke verantwoordelijkheid maatregelen treffen. Dit gebeurt de laatste jaren steeds meer; partijen zijn vrijwel voortdurend bezig met het ontwikkelen van beleid om voetbalgeweld terug te dringen. Voorbeelden hiervan zijn: de introductie van supportersbegeleiders bij de politie, de activiteiten van het Centraal Informatiepunt Voetbalvandalisme, stadionverboden, de supportersprojecten bij sommige voetbalclubs, het opstellen van het beleidskader voetbalvandalisme, de aanstelling en opleiding van stewards, de introductie van cameratoezicht in stadions én de werkzaamheden van het auditteam voetbalvandalisme.

Dat de aanpak van voetbalgeweld voortdurend in ontwikkeling is, blijkt uit een initiatief uit de politieregio Gelderland-Midden. In het voorjaar van 2002 is hier een traject gestart om de informatie rondom voetbalvandalisme, voetbalgeweld en de personen die hierbij een rol spelen ('hooligans') te verbeteren. Hierdoor werd het mogelijk om hooligans uit de anonimiteit halen en een aanpak op maat – op persoons- en groepsniveau – aan te bieden. De methode is de vrucht van enerzijds politiekennis en ervaring en anderzijds wetenschappelijk kennis, en draait proef in de regio's Gelderland-Midden (Vitesse), Rotterdam-Rijnmond (Feyenoord), IJsselland (Go Ahead Eagles) en Brabant Zuid-Oost (PSV). Hiermee is er een goede spreiding naar grotere en kleinere politieregio's en voetbalclubs. Door dit implementatieproces met behulp van het Programma Politie en Wetenschap te begeleiden en te volgen, waren we in staat de methodiek op te tekenen, zodat andere politieregio's daar hun voordeel mee konden doen.1
 

De aanpak
Sinds enkele jaren staat de aanpak van voetbalvandalisme en voetbalgeweld voortdurend in de belangstelling. Een succesvolle aanpak – zo is de heersende opvatting – is in de eerste plaats een aanpak waarin op lokaal niveau Betaald Voetbal Organisatie (BVO), gemeente, Openbaar Ministerie en regiopolitie gezamenlijk invulling geven aan hun taken en verantwoordelijkheden. Een tweede succesfactor is het gericht beïnvloeden van (potentiële) probleemsupporters, en ten slotte is de opbouw van de 'informatiepositie' van belang. Hierbij gaat er primair om beter zicht te krijgen (en te houden) op de samenstelling en het gedrag van groepen problematische supporters. Op basis van dergelijke informatie kunnen probleemsupporters uit de anonimiteit worden gehaald en is interventie ('tegenhouden') in een vroeg stadium mogelijk.
Met name de aard en kwaliteit van de informatiepositie laten vaak te wensen over. De gevolgen hiervan zijn:
– een relatief lage pakkans voor supporters die problematisch gedrag vertonen;
– meer politie-inzet rondom het voetbal, terwijl deze juist zou moeten afnemen;
– een te geringe differentiatie in politietactieken en -strategieën als het gaat om problematische en niet-problematische supporters. Hierdoor neemt de kans toe dat ook supporters die niet uit zijn op verstoring van de openbare orde wel betrokken raken bij incidenten.
 

Het begin
De politieregio Gelderland-Midden is in het voorjaar van 2002 begonnen met het ontwikkelen van een methode om groepen supporters bij Vitesse in beeld te brengen die problematisch gedrag vertonen. De informatie over deze groepen en personen wordt verzameld, opgeslagen en met partners gedeeld, zodat er een aanpak op maat kan komen. Afhankelijk van de aard van de groepen kan de aanpak preventief, pro-actief, curatief of repressief van aard zijn en zich richten op groepen, op de situatie of op het individu. De methode, 'Hooligans in beeld', maakt gebruik van informatiegestuurd politiewerk.
'Hooligans in beeld' lost niet alle problemen rondom het voetbal op; maatregelen die inspelen op de gelegenheidsstructuur rondom het voetbal (adequaat toegangsbeleid, kaartverkoopbeleid, stewards) om gelegenheidsdaders het hoofd te bieden, blijven van belang.

Medio 2003 leek sprake te zijn van een methode die werkt. Kenmerkend voor deze 'goede werkwijze' is de combinatie van wetenschappelijke kennis en politiekennis. Voor het Programma Politie en Wetenschap was dit een reden om een landelijke pilot te starten. Hierin werd(en) enerzijds de (resultaten van de) methode in Gelderland-Midden bescheven en anderzijds de ervaringen, randvoorwaarden en resultaten in drie andere politieregio's met betaald voetbal opgetekend. Het betreft de politieregio's Brabant Zuid-Oost (PSV), IJsselland (Go Ahead Eagles) en Rotterdam-Rijnmond (Feyenoord).
 

Opzet
Kern van de methode is het gericht verzamelen van informatie over groepen probleemsupporters. Het gaat bij het verzamelen van informatie om de rol, het gedrag en de identiteit van individuen binnen groepen, en wordt er aandacht besteed aan relaties tussen verschillende groepen. Overigens wordt niet alleen gelet op probleemgedrag rondom voetbalwedstrijden. Ook informatie over probleemgedrag op andere momenten en plaatsen (tijdens het uitgaan, in de wijk) wordt verzameld en vastgelegd. De methode – waarbij het uit de anonimiteit halen van groepen en individuen centraal staat – kenmerkt zich door een dynamisch proces van informatieverzameling, informatieanalyse, vastlegging en verstrekking. Hierdoor ontstaat er meer kennis over en inzicht in groepen die probleemgedrag (kunnen) veroorzaken en de rol van (toonaangevende) individuen binnen die groepen. Andere kenmerken zijn dat straatinformatie wordt gecombineerd met systeeminformatie en dat door intervisie op basis van 'harde' en 'zachtere' informatie een beeld ontstaat.
Op basis van de informatie ontstaat in samenspraak met BVO, Openbaar Ministerie, gemeentelijke organisaties en de regiopolitie een maatwerkaanpak .
Door de juiste personen uit de anonimiteit te halen, kan er in een eerder stadium worden ingegrepen ('tegenhouden') en wordt ook de pakkans verhoogd. Het uit de anonimiteit halen en aanpakken van toonaangevende personen kan ook leiden tot een reductie van probleemgedrag bij de overige (achtergebleven) groepsleden.
 

Randvoorwaarden
Politieregio's die met de methode willen starten, moeten aan een aantal randvoorwaarden voldoen. Samenwerking en vaste aanspreekpunten binnen de voetbalunit en de Regionale Inlichtingen Dienst binnen het politiekorps zijn essentiële voorwaarden. Ook analysecapaciteit op strategisch niveau is van belang, maar dit blijkt binnen de regiopolitie dun gezaaid. Tot slot is het op gezette tijden informeren en betrekken van partners zowel van binnen als buiten de politie bij de methodiek onontbeerlijk. Uit de pilot blijkt dat het voldoen aan bepaalde randvoorwaarden doorslaggevender is  voor een succesvolle implementatie dan de omvang van een politiekorps. Wel blijkt dat het moeilijk is (maar overigens niet onmogelijk) om informatie te verzamelen bij een voetbalclub met een aanhang die als zeer lastig te boek staat.
 

Resultaten
De methode 'Hooligans in beeld' heeft geleid tot een aantal aansprekende resultaten.
n De informatie met betrekking tot groepen probleemsupporters en individuele hooligans is sterk verbeterd.
n De leiding van de politie heeft vertrouwen in de betrouwbaarheid van de informatie.
n Het aantal incidenten rondom voetbalwedstrijden neemt af.
n Er is meer zicht gekomen op het afwijkend gedrag van de groepen en individuen buiten het voetballen (woonwijk, evenementen, uitgaan).
n Door het uit de anonimiteit halen van individuen kan er niet alleen gericht en geregisseerd worden aangehouden, maar kan ook invulling worden gegeven aan maatwerktrajecten. Hierbij is samenwerking met voetbalclub, gemeente (en gemeentelijke organisaties) en Openbaar Ministerie onontbeerlijk. Het gezamenlijk werken aan doelen is sterk toegenomen.
n Er worden minder politiefunctionarissen rondom voetbalwedstrijden ingezet. Ook de operationele inzet van de ME neemt af. Er wordt gesproken over een verandering die gaat van 'veel blauw naar slim blauw'.
n Informatie genereert informatie: omdat de briefing meer inhoud krijgt, worden de opdrachten duidelijker geformuleerd, zodat politiefunctionarissen gerichter werken. Dit genereert vervolgens weer extra informatie.
n 'Hooligans in beeld' leidt tot verbreding van de aanpak van voetbal naar andere domeinen (evenementen, uitgaan, de wijk). Daarmee kan een koppeling worden gelegd met thema's als 'veelplegers' en 'jeugd' in de wijken.
n Door de pilot bestaat er meer duidelijkheid over de mogelijkheden rondom verzamelen, bewaren en verstrekken van informatie.
 

Aandachtspunten
Uit de pilot komt naar voren dat alcohol- en druggebruik (met name cocaïnegebruik en zogenaamd combi- of cocktailgebruik) onder bepaalde groepen probleemsupporters excessief is en regelmatig leidt tot situaties waar individuele probleemsupporters in het geheel niet meer aanspreekbaar zijn en 'door het lint gaan'. In alle pilotregio's kampt men met dit probleem, dat lastig is aan te pakken en vaak leidt tot openbare-ordeverstoringen en geweld.
Een ander aandachtspunt is dat de aanpak ertoe kan leiden dat bepaalde groepen zich op een andere manier gaan manifesteren. Verplaatsingseffecten zijn in de pilotregio's niet geconstateerd, maar het besef dat het uitsluiten van groepen probleemsupporters niet het doel moet zijn, leeft bij alle participanten. Er zou buiten het voetbal een nieuwe groep kunnen ontstaan; met het verdwijnen van toonaangevende personen binnen groepen zouden nieuwe jonge probleemsupporters ten tonele kunnen verschijnen. Dit proces dient voortdurend in de gaten gehouden te worden (monitoren).

Voorzichtigheid over het naar buiten brengen van eventuele successen van de aanpak in de media is ook geboden. Probleemsupporters reageren hier over het algemeen stevig op en functionarissen die dicht 'tegen supporters aanzitten' hebben hier in hun werk last van. Strategisch communiceren is dus van groot belang.

De aanpak – het uit de anonimiteit halen van individuen uit de doelgroep – heeft in drie van de vier politieregio's in meer of mindere mate geleid tot een ongewenst neveneffect. Bij een klein deel van de doelgroep werkt de methode zo goed dat men er last van heeft, er onrustig van wordt en tegenreacties geeft in de vorm van bedreiging en geweld tegen politiemensen en/of het vernielen van politie-eigendommen. Hoewel deze tegenreacties van tijdelijke aard lijken te zijn, moeten de politie en het Openbaar Ministerie zich hiervan bij de implementatie van de methode rekenschap geven zo nodig direct maatregelen nemen. Probleemsupporters moeten weten dat de aanpak niet afhangt van specifieke politiemensen, en politiefunctionarissen moeten zich gesteund voelen.
 

Conclusie
'Hooligans in beeld' is een effectieve methode om de kennis- en informatiepositie van alle betrokken actoren te verbeteren als basis voor een effectieve, persoonsgerichte en pro-actieve aanpak. In de praktijk is gebleken dat de methode kan resulteren in een betere beheersing van dit hardnekkig probleem, met bovendien een verminderde maar wel 'slimme' en gerichte politie-inzet.

Bron: Het Tijdschrift voor de Politie, 2005, jrg. 67, nr. 12, p. 18-20

1  Ferwerda, H.B. en O.M.J. Adang,  Hooligans in beeld. Van informatie naar aanpak. Programma Politie en Wetenschap, Politiekunde 7. Apeldoorn/Arnhem, ISBN 90 6720 373 4, Uitgeverij Kerckebosch, Zeist, 2005.

Voetnoten

0 reacties

Reageer op dit artikel