Politietalent Ben Koster: 'Je kan maar één keer een eerste indruk maken'

Door Max Rozenboom, 01 februari 2006 21:36 uur0 Waardering:

Politietalent Ben Koster: 'Je kan maar één keer een eerste indruk maken' 'Heb je ooit een verhoorkamer van binnen gezien?', vraagt Ben Koster me nadat ik me heb voorgesteld. Als ik ontkennend antwoord, stelt hij voor het interview in zo'n verhoorkamer te houden, 'om de sfeer te proeven'. Ik stem in en we vertrekken naar een bureau een kleine honderd meter verderop in de straat. Een smalle rechthoekige kamer, twee stoelen, een tafel met daarop een pc. Het weinige licht van buiten komt van een miniem raam met tralies, hoog in de achterwand. De tl-verlichting benadrukt de 'kaalheid' van het kamertje. Geen camera.

Ben Koster is teamleider bij de regionale recherche Gelderland-Midden. Hij is geboren in De Liemers, bij Arnhem. Vader was bakker en combineerde dat met een kleine kruidenierswinkel. Ben is de oudste zoon, gedoodverfde opvolger van zijn vader. Toch was het 'niet waarneembaar' een teleurstelling voor zijn ouders toen hij aankondigde naar de politieschool te willen. Eigenlijk waren ze wel trots.

Je ging in 1977 naar de politieschool in Lochem, hebt gewerkt in Velp, Dieren en Arnhem, zat bij de ME in de roerige jaren tachtig, maakte krakersrellen mee, demonstraties tegen kernenergie. Hoe kwam je eigenlijk bij de recherche?
Ik draaide als agent een paar keer mee met een moordonderzoek en toen merkte ik: dit is wat voor mij, contact met verdachten, verhoren van getuigen… Ik solliciteerde bij het recherchebijstandsteam en werd aangenomen. Eigenlijk heb ik vanaf 1991 altijd in RBT's meegedraaid, eerst als gewoon agent, later als rechercheur.

Je bent een tactisch rechercheur. Verhoren is voor jou het interessantste aspect van het recherchevak. Waarom?
Als iemand van een misdrijf wordt verdacht, wil ik weten hoe dat zit, waarheidsvinding. Ik ben nieuwsgierig; hoe kan ik contact met de persoon tegenover mij krijgen zodat hij mij wil vertellen wat er is gebeurd? Het proces dat daaraan ten grondslag ligt, fascineert me. Het eerste contact is heel bepalend; je kan maar één keer een eerste indruk maken. Constant sta je op scherp, maar je moet wel een ontspannen sfeer creëren. Als jonge agent ging ik eens te ver. Ik had een goede band met een verdachte, hij had het misdrijf waarvoor hij was opgepakt al bekend. Ik vermoedde dat hij nog meer op z'n kerfstok had, vroeg en kreeg toestemming om door te gaan. Ik ging de hele avond door. Op een zeker moment zei hij tegen me: 'Ben, zal ik voor jou dan maar bekennen?' Dan weet je, ik ben te ver gegaan.

Als teamchef zul je nog maar weinig verhoren. Is het vak eigenlijk nog wel zo interessant?
Het is wel veranderd, en ik mis het verhoren wel. Aan de andere kant: nu kan ik de nieuwe lichting leren hoe ze 't moeten doen, ik zie de valkuilen wat beter. Die kennis kunnen overdragen, dat vind ik wel belangrijk. Naast de CAR, de recherchebasis die elke agent krijgt, zijn we in Gelderland Midden bezig een vervolgcursus op te zetten, in samenwerking met een extern bureau. Ook sturen we mensen uit onze regio naar de cursus Professioneel Verhoren, die is ontwikkeld door de politie Utrecht.

Neem je je werk mee naar huis?
Ja. Dat doet iedereen. Mensen die beweren dat ze dat niet doen, maken zichzelf wat wijs.

Het lijkt me heel intens werk. Hoe verwerk je het?
Mijn gezin vangt me goed op, mijn vrouw weet wanneer ze me even met rust moet laten, of juist praten. En eens per jaar ga ik met mijn broer de bergen in, lopen. Ik kan het goed met hem vinden, we hebben dezelfde instelling, dezelfde humor.

Wat kan er beter binnen de politieorganisatie?
Als ik mensen nodig heb die ik in mijn korps niet voorhanden heb, vraag ik ze aan bij voorbeeld Gelderland Zuid, of aan Utrecht. Dat gebeurt echter maar weinig. Er wordt nog veel gedacht: dit is mijn groep, mijn personeel. Die hokjesgeest, daar moeten we vanaf. Net zoals het idee dat een politieman alles moet kunnen. We leven in een tijd van specialismen; je moet durven erkennen dat dat invloed heeft op je werk als politie. Gelukkig gebeurt het al steeds meer, voor de recherche hebben we bijvoorbeeld een centrale kennisbank met deskundigen die we kunnen raadplegen via een kennismakelaar (zie ook Het Tijdschrift voor de Politie nr. 9, pag. 8).

Als je niet meer bij de politie zou kunnen werken, wat zou je dan willen doen?
Moeilijke vraag. Ik zou iets leuks/interessants willen organiseren voor een specifieke groep mensen. Bijvoorbeeld: een bureau waar je als bedrijf langsgaat met de vraag om … Ik heb een kennis in Amerika, die bij Coca Cola werkt. Hij verzorgt interessante uitstapjes voor mensen van dat bedrijf. Zoiets lijkt me wel wat.
 

Bron: Het Tijdschrift voor de Politie, 2006, nr 1-2

0 reacties

Reageer op dit artikel