Antwerpse burgemeester Janssens: positief effect van rellen
De Antwerpse burgemeester Patrick Janssens (foto) baalde stevig toen hij hoorde over het incident in de Seefhoek. Inmiddels ziet hij ook wel al positieve kanten, want de mensen in de buurt zijn solidair en willen er samen iets van maken. Dit meldt De Standaard in een interview met de burgemeester.
Patrick Janssens (SP.A), op vakantie in Engeland, belde met zijn politiechef, Eddy Baelemans over de situatie in zijn eigen stad. Er was geen reden tot ongerustheid. Dat was woensdag overdag. ’s Avonds braken de rellen uit in Seefhoek, een wijk in Antwerpen-Noord.
Harddrugs
De problemen in Antwerpen Noord zijn niet nieuw, hoewel er hard aan getrokken wordt om ze op te lossen, stelt Patrick Janssens. Alcohol en drugs geven de meeste overlast. Vooral het aanbod van harddrugs is sterk toegenomen. Daarbij komt dat in de handel illegale Marokkanen worden betrokken, die – eenmaal gepakt – uiterst lastig het land uitgezet kunnen worden.
Gesloten centra
Frustrerend voor de politie en onbegrijpelijk voor de buurtbewoners, aldus Janssens, die als mogelijke oplossing ziet dat er gesloten centra, speciaal voor deze groep illegalen worden gebouwd. Van daaruit kunnen ze dan uitgewezen worden. ‘Het gaat om criminelen die je van hun vrijheid moet kunnen beroven. De politie kan hen vandaag niet langer dan 24 uur vasthouden', aldus Janssens
Opkomen voor eigen wijk
Binnenkort gaat Janssens de wijk bezoeken, maar zonder tv-camera's. Hij wil er geen mediastunt van maken, wil niet dat de mensen denken dat hij er alleen kom omdat er een rel is geweest. Ook is hij er geen voorstander van, zo meldt hij De Standaard, dat de burgers het recht in eigen handen nemen. Wél is hij zeer verheugd te merken dat bij voorbeeld winkeliers opstaan en samen met het stadsbestuur willen opkomen voor hun wijk. ‘Er ontstaat daar een middenklasse van allochtonen. In die zin krijgen we een unieke kans om het sociale weefsel te versterken.'
Lees ook het interview dat Het Tijdschrift voor de Politie had met Patrick Janssens »


Reageer op dit artikel