‘Contact maken en een lange adem hebben’

Door Max Rozenboom, 08 december 2010 11:08 uur6 Waardering:

‘Contact maken en een lange adem hebben’ 'Op een dag kwam er een agent van de politie op mijn middelbare school, bij de directeur. Het politiebureau stond naast de middelbare school. De politie vroeg om wat jongens die een nachtje mee wilden draaien als vrijwilliger bij het uitdelen van sleutelhangers in het kader van de actie 'Wie is de BOB'. De directeur zei dat ie niet direct jongens kende die dat zouden willen doen, maar dat hij wel een meid kende die daarvoor zou voelen. Die meid was ik.'

Faïza Fasi is assistent wijkteamchef in Vianen, regio Utrecht. Geboren in Leiden, opgegroeid in Noordwijk, 'een klein plaatsje aan de kust'. Een Hollandse moeder en een Marokkaanse vader. Een jongere broer. ‘Ik groeide redelijk "Hollands" op; was me niet erg bewust van mijn Marokkaanse kant. Ja, op zondag ging ik met mijn vader naar de moskee, daar kreeg ik Arabische les, leerde ik het Arabische alfabet en we gingen elk jaar vier weken op vakantie naar Marokko.Verder was mijn opvoeding een mix van twee culturen. Op school kwam nauwelijks ter sprake dat ik half Marokkaans was, het was heel gewoon. Hooguit vroeg iemand wel eens iets over mijn naam, over het feit dat ik donker haar had, of geen varkenvlees at. Maar het was geen "issue". Ik ging naar basisschool De Witte School. Letterlijk, die heette ook zo, een welgestelde openbare basisschool.
Daarna ging ik naar de HAVO, ook nooit iets negatiefs over Marokkaans zijn meegemaakt. De directeur wist op een zeker moment dat ik bij de politie wilde omdat ik hem dat had verteld. Hoe ik daarbij kwam, weet ik eigenlijk niet eens meer. Ik wilde dat gewoon. Dit tot grote spijt van mijn vader die mij liever het onderwijs in zag gaan, net als hij.
En in de derde klas van de HAVO, ik zal een jaar of 15 geweest zijn, mocht ik dus een nachtje mee met de Noordwijkse politie. Geweldig vond ik dat, echt stoer. Er gebeurde helemaal niks, het was gewoon een alcoholcontrole. Maar de saamhorigheid, met een dergelijke groep dat sprak me heel erg aan. Ik dacht: na 5 HAVO ga ik naar de politieschool.’

 

Studeren én bij de politie

‘Maar goed, ik deed HAVO, en je kon toen ook met MAVO naar de politieschool, dus dat vond ik zonde van mijn Havodiploma. Ik besloot verder te studeren. Het werd Integrale Veiligheidskunde, in Utrecht. In die tijd zat Wiarda daar als korpschef en die bood – als pilot - studenten van die opleiding de mogelijkheid om tegelijkertijd de politieschool te volgen. De tachtig studenten van de Hogeschool deden allemaal een assesment en uiteindelijk werden er daarvan acht geselecteerd voor de politie. Ik was er daar een van. Zo zat ik dan vier dagen per week in de collegebanken en een dag op politieschool De Boskamp. Met de kleine club van acht draaiden we met veel verschillende klassen mee om alle modules te volgen. Zo leerde ik veel toekomstige politiemensen kennen. Na vier jaar had ik dus niet alleen een hbo-diploma, maar ook een politiediploma. Dat het toch politie moest worden, was me al duidelijk tijdens mijn studie. Integrale Veiligheidskunde is natuurlijk veel breder dan alleen het politievak. Ik liep tijdens mijn studie bijvoorbeeld stage bij een gemeente, daar hielp ik de ambtenaar rampenbestrijding, en schreef ik beleids- en rampenplannen. Dat vond ik leuk, maar wel echt als stageplek. Als baan leek het me minder interessant. Ik miste daar de hectiek en dynamiek die je bij de politie wel had; de saamhorigheid en betrokkenheid bij het werk ook. En bij de politie vond ik dat wel. Ik vind het ook belangrijk, dat je wat kunt bijdragen aan de maatschappij, hoe cliché dit ook moge klinken.’

 

Kanaleneiland

‘Ik ben begonnen als wijkagent in Linschoten en later Oudewater. Mijn toenmalige chef is later in de stad gaan werken, in Kanaleneiland. Hij belde mij na een jaar en vroeg of het niet wat voor mij was om daar te komen kijken. Ik heb daar toen een dienst meegedraaid en heb gesolliciteerd, omdat de wijk me erg aansprak. Dat was wel even andere koek dan in Oudewater. Maar ik was snel verkocht aan de wijk en de bewoners, ik vond het eigenlijk erg leuk. Wel moeilijk soms. Die Marokkaanse jongens probeerden me gelijk uit. Ze vonden me een verrader en scholden me uit voor hoer. Dat had ik nog nooit zo meegemaakt en ervaren. Ik merkte echter al snel dat het niet persoonlijk was, collega’s werden namelijk ook zo behandeld, en ik ontwikkelde een dikke olifantenhuid. Het belangrijkste en moeilijkste was om contact te krijgen met de jongens, een band opbouwen. Echt een kwestie van een lange adem en altijd positief blijven. We hadden wel een goed team daarvoor; heel divers, met ieder zijn/haar eigen kwaliteiten. We verdeelden de taken op een goede manier en dat wierp zijn vruchten af. De eerste keer zochten we die jongens op in hun buurthuis. We werden bekogeld en moesten uit het buurthuis vluchten. Maar door vol te houden en ze bijvoorbeeld ook thuis op te zoeken, kregen we langzaamaan contact. Maar daar gaat heel veel tijd overheen en het blijft een gevoelig onderwerp. Het zorgvuldig opgebouwde contact kan binnen een dag weer verpest zijn. Het is wel een juiste manier om die jongens aan te kunnen spreken denk ik; je moet ze uit de anonimiteit halen. Al met al heb ik daar een super leerzame tijd gehad!’

 

Vrouwen

‘Een ander verhaal zijn de Marokkaanse vrouwen, die we probeerden te bereiken. Eerst heel eenvoudig, met een voorlichtingsavond wat de politie doet in de wijk. Later ook met zwaardere onderwerpen als huiselijk geweld. Dat deden we samen met onder andere de vrouwenorganisaties in de wijk. Die zijn echt hartstikke goed. Met die vrouwenorganisatie uit Kanaleneiland heb ik nog steeds contact, al ben ik daar al twee jaar weg.
Laatst wilde de districtschef van Lekstroom ook een bijeenkomst voor vrouwen organiseren; een algemene informatieavond waarbij de politie vertelt wat ze in de buurt doet, wie er allemaal op het bureau zitten, enzovoort. Dat was al eerder geprobeerd door andere organisaties maar daar was weinig animo voor. Nu vroegen ze of ik wilde helpen, samen met een andere collega uit mijn tijd in Kanaleneiland om dit te realiseren. Wij hebben gelijk de Marokkaanse vrouwenorganisatie uit Kanaleneiland gebeld en die hebben geholpen met organiseren. Zij kwamen met allerlei handige tips en trucs waar je in eerste instantie niet bij stilstaat. Zoals de tip dat je zo’n bijeenkomst niet in een buurthuis moet organiseren waar ook plaatselijke jeugd komt. Dit is namelijk geen echte veilige omgeving om ongestoord over allerlei zaken te kunnen praten.Uiteindelijk kwamen er ongeveer 75 vrouwen, geen gek resultaat voor een eerste keer en voor deze omgeving.’

 

Leiderschap

‘Al toen ik jong was, had ik de instelling om eruit te halen wat eruit te halen viel. Dat geldt ook voor mijn positie binnen de politie. Ik ben nu assistent wijkchef. Ik vind het prettig om verantwoordelijkheid te krijgen, dus een rol van operationeel leidinggevende past me prima. Zo heb ik het gevoel dat ik het werk in goede banen kan leiden, dat ik daadwerkelijk iets bijdraag aan het eindresultaat. Je hebt contact met de burgemeester, contacten met allerlei verschillende netwerkpartners om uiteindelijk jouw visie op het werk zo optimaal mogelijk tot zijn recht te laten komen; dat is fascinerend. Ik geloof wel, dat je het in je moet hebben om leiding te geven; je kunt het moeilijk aanleren. Je bent er het type voor of niet, denk ik. En als het erin zit, moet je het constant bijschaven en verbeteren, er constant aan blijven werken; ik geloof wel in dynamisch leiderschap.’

 

Foto: Huib de Rooij

6 reacties

Gelukkig een positief verhaal van iemand met liefde voor haar vak. En.. met oog en hart voor mensen.
Ik heb een klacht over deze reactieA.Blokland op 16 december 2010 16:15 uur
+1
Daar sluit ik me graag bij aan!
Ik heb een klacht over deze reactieE. Anspach op 18 december 2010 10:15 uur
Ik voorspel mevrouw Fasi een grote toekomst bij de politie. Ze snapt de essentie van verbinding maken en leidinggeven. Een bruggenbouwer tussen culturen. Een warm inspirerend verhaal.
Ik heb een klacht over deze reactieH.H. Prak op 18 december 2010 18:59 uur
Ik ben trots op de manier waarop ze voor haar werk staat en het ook uitvoerd. What you see is what you get!!!!
Ze mag mijn chef worden ...............
Ik heb een klacht over deze reactiePeter de Vries op 20 december 2010 15:34 uur
Alle bovenstaande complimenten aan het adres van mw Fasi zijn 100% terecht. Een talentvolle dame met een gezonde dosis ambitie.
Ik wens haar toe dat ze nog een (niet al te lange) periode ervaring kan opdoen, en dan aan de slag mag met een eigen team. Als zij nu zorgt dat ze zichzelf blijft en goed voor haar gezondheid zal zorgen... dan zal de politie én de burgers in haar werkgebied nog veel plezier van haar hebben! Groeten van een oud-collega
Ik heb een klacht over deze reactieCEV op 14 april 2011 19:49 uur
Kanker hoer dat je ook bent jo
Ik heb een klacht over deze reactie.... op 21 mei 2012 11:52 uur

Reageer op dit artikel