Thema 'Inrichting organisatie'
Landingspagina voor thema's
Resultaten 101 - 117 van 117 voor Inrichting organisatie
De integratieve belofte van de Belgische politiehervorming(Archief)
Hoewel politiewerk sinds de jaren '80 in België voorwerp van serieuze discussie is, had de politie bij het uitoefenen van haar taken nog steeds last van verzuiling. Pas na de ontsnapping van Marc Dutroux was de Belgische overheid bereid deze manier van denken opzij te schuiven. Het resultaat ervan is terug te vinden in de nieuwe politiestructuur, die gekenmerkt wordt door een integratieve filosofie, waarin de noden van de gemeenschap centraal staan. Deel 1 van een tweeluik over 'aansleep en nasleep' van de politiehervorming in België.
Beleidsplannen Integrale Veiligheid: Elektronische besluitvorming(Archief)
Beleidsplannen Integrale Veiligheid krijgen in Gelderland-Zuid vorm tijdens een elektronische vergadering. Deelnemers zijn direct betrokkenen: politie, brandweer, gemeente, hulpverlening, bewonersorganisaties enz. De resultaten van de vergadering worden afgezet tegen het 'harde' cijfermateriaal. Op basis hiervan kunnen prestatieafspraken worden gemaakt.
Openbaar Ministerie ook van belang bij veiligheidsregio(Archief)
Er is het afgelopen decennium mede door een aantal grote rampen een toenemende aandacht voor het vergroten van de veiligheid Landelijk moeten er 25 veiligheidsregio's worden gevormd, waarbinnen de hulpverleningsdiensten nauw met elkaar moeten samenwerken. De eenheden van deze diensten worden – op termijn – vanuit een meldkamer per veiligheidsregio aangestuurd. Deze meldkamer opereert op basis van gezamenlijke ICT-systemen en schept de voorwaarden voor een intensieve samenwerking tussen de hulpverleningsdiensten om zodoende nog sneller en zorgvuldiger in te kunnen spelen op de hulpvraag van de in nood verkerende burger.
Zuid-Limburg kiest voor voortvarende ontwikkeling van veiligheidsregio(Archief)
Zuid-Limburg loopt bij de ontwikkeling van één veiligheidsregio landelijk gezien in de voorhoede. Dat de regio veiligheid hoog op de agenda heeft staan is niet voor niets. Door de aanwezigheid van enkele grote risico-objecten kent het na de Randstad dichtstbevolkte gebied van Nederland een hoog risico-profiel. Denk daarbij aan chemieconcern DSM, vliegveld Maastricht Aachen Airport, snelwegen, spoorlijnen en net over de grens een Awacsbasis en een kerncentrale. Daarnaast is dit deel van Nederland voor meer dan negentig procent omgeven door buitenland waardoor grensoverschrijdende samenwerking noodzakelijk is om een veilige leefomgeving voor de burgers te creëren. Want dat is uiteindelijk het doel van alle inspanningen.
Model voor de veiligheidsregio: Achtergronden, ontwikkelingen en trends(Archief)
De veiligheidsregio's mogen zich de laatste tijd in een warme belangstelling verheugen. Daarbij zijn betrokken partijen niet steeds eensgezind. Discussies, bijvoorbeeld gevoerd in tijdschriften als De Nederlandse Gemeente en Binnenlands Bestuur, geven aan dat er niet alleen verschillende standpunten worden ingenomen, maar dat niet altijd gesproken wordt over hetzelfde fenomeen. In deze bijdrage willen wij eerst ingaan op de achtergronden van de recente aandacht voor de veiligheidsregio en wat er met de veiligheidsregio wordt bedoeld. Wij breken een lans voor een hernieuwde discussie waarin het meest waarschijnlijke model van de veiligheidsregio centraal komt te staan. Dit model met de daarbij passende voor- en nadelen behandelen wij dan ook.
Van multidisciplinaire samenwerking naar multifunctionele organisatie: Ontwikkelingen in Noord- en Midden-Limburg(Archief)
Zoals in het rapport 'Krachten bundelen voor veiligheid' van de commissie-Brouwer beschreven staat, zou de huidige rampenbestrijdingsorganisatie zich moeten ontwikkelen tot een regionale organisatie voor veiligheid, hulpverlening en rampenbestrijding. In dat kader wordt in deze bijdrage de positie van de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen (GHOR) binnen de veiligheidsregio en meer specifiek die binnen de regio Noord- en Midden-Limburg beschreven.
Krachten bundelen voor veiligheid, regionaal denken en lokaal doen(Archief)
In mei 2002 bracht een VNG-commissie onder leiding van mevrouw mr. A. Brouwer-Korf, burgemeester van Utrecht, het rapport Krachten bundelen voor Veiligheid uit. Tegelijkertijd verscheen onder auspiciën van de commissie een studie van het NIBRA waarin de thema's van het rapport meer diepgaand werden uitgewerkt. Het rapport bepleit een krachtige impuls voor het totstandkomen van geïntegreerde veiligheidsregio's, met name door bestuurlijke afstemming van politie, brandweer en rampenbestrijding en geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen. Dit geluid om zwaarder op regionaal niveau in te zetten, is uit gemeentelijke kring opmerkelijk, zeker wanneer men in aanmerking neemt dat het bestuur van de VNG het rapport integraal heeft overgenomen. Ook buiten de kring van gemeenten is het rapport positief ontvangen.
Wat doet de politie nu eigenlijk, en wat moet ze doen?: Werken met toekomstscenario's(Archief)
Hoe neem je een beslissing over zaken met een hoge impact waarvan (nu nog) onzeker is hoe deze uit zal pakken? Hoe bereid je je voor op de toekomst? Scenario-denken biedt een methodiek die kan helpen bij het nemen van beslissingen in dergelijke situaties. Binnen de Nederlandse politie wordt hiervan steeds vaker gebruikgemaakt.
Ontwikkelingen in politiezorg in Midden- en Oost-Europa(Archief)
Het einde van de communistische invloed is in de meeste Midden- en Oost-Europese landen aanleiding geweest om overheden grondig te hervormen. In dit kader worden onder meer de organisatie en uitgangspunten van de politie herzien. Toename van de criminaliteit en de wens om toe te treden tot de Europese Unie versterken de veranderingsbehoefte. Ter ondersteuning van deze ontwikkeling heeft de Association of European Police Colleges (AEPC) in opdracht van de Europese Commissie een trainingsprogramma uitgevoerd. Dit programma heeft naast kennisoverdracht, inzichten opgeleverd over de ontwikkeling van politie en justitie in tien kandidaat-lidstaten. De inzichten zijn gepresenteerd in tien landenrapporten. Dit artikel geeft een overzicht van de belangrijkste uitkomsten.
Interview Klaas de Vries: 'Ik ben tegen een nationale politie'.(Interviews)
In maart 2000 maakte Klaas de Vries de overstap van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar het ministerie van BZK. Hij volgde Bram Peper op, die zich gedwongen zag op te stappen naar aanleiding van de aanzwellende geruchtenstroom over zijn declaratiegedrag als burgemeester van Rotterdam. De Vries zit nu ruim twee jaar op zijn post. Het einde van zijn ambtsperiode nadert; de kabinetsformatie is in aantocht. Wat is er gedurende zijn ministerschap voor BZK gebeurd met de politieorganisatie, welke doelen zijn gehaald, waaraan moet nog worden gewerkt?
Nieuw beoordelingssysteem koppelt ontwikkeling medewerkers aan organisatieontwikkeling: Functieprofiel afstemmen op ontwikkeling van organisatie(Archief)
Onlangs is de pilot van het project 'ontwikkelingsgericht beoordelen' afgerond. Na afloop van deze pilot heeft een evaluatie plaatsgevonden. Deze evaluatie laat het volgende beeld zien: 85 procent van de medewerkers en 75 procent van de leidinggevenden ervaarden het nieuwe beoordelingssysteem als een aanvulling op hun persoonlijke ontwikkeling. Daarnaast vond 100 procent van de medewerkers en 90 procent van de leidinggevenden het beoordelingssysteem een welkome aanvulling bij het maken van resultaatafspraken. Wat heeft er nu toe geleid dat dit beoordelingssysteem een positief effect heeft op zowel medewerkers als leidinggevenden?
Sturing van 'Vertrouwen in de politie': Ontbreken van 'over-all', 'accountable' doelstelling maakt politie stuurloos(Archief)
Een optimalisering van de bedrijfsvoering bij de politie wordt al jaren belemmerd door het ontbreken van een eenduidige, gemakkelijk te definiëren resultaatomschrijving, waarvan iedereen ook het gevoel heeft dat het gaat over het totale functioneren van de politie en waarvan iedereen ook vindt dat het door de politie in grote mate beïnvloedbaar is. Dat is een enorm nadeel omdat daarmee ook de toetsstenen voor effectiviteit ontbreken. En daar waar dat ontbreekt, is het helemaal zinloos om nog te spreken van efficiency, omdat dat alleen maar speelt op het moment dat je de goede dingen doet!! Natuurlijk zijn er altijd doelstellingen op activiteitenniveau te formuleren, maar als de 'over-all'-resultaatsdoelstelling ontbreekt, wordt het kiezen van de juiste activiteiten gauw een moeilijke zaak. De uiteindelijke effectiviteittoets ontbreekt!
Kwaliteitsmodel geeft inzicht in kwaliteit(sverbetering): Een interview met Kees van Dijk(Interviews)
Eind februari 2002 is de tweede cyclus van het kwaliteitsstelsel begonnen binnen de Nederlandse politiekorpsen, door de start van de tweede ronde van de korpsaudits. De audit in het eerste korps is kortgeleden afgerond. Het afgelopen half jaar is het Kwaliteitsbureau Politie druk doende geweest met de voorbereidingen voor deze auditronde. Reden om een gesprek aan te gaan met Kees van Dijk, voormalig plv. korpschef Noord-Holland Noord en de huidige directeur van het Kwaliteitsbureau Politie. Een gesprek over audits, visitaties, procesgericht werken en een minister die de neiging vertoont de uitkomsten uit de kwaliteitscyclus te willen gebruiken om prestaties te meten.
Capaciteitsmanagement, meer dan van 36 naar 38 uur(Archief)
Het is al weer zo'n vier jaar geleden dat de arbeidsduur voor medewerkers bij de politie is teruggebracht van 38 naar gemiddeld 36 uur per week. Al werkende leert men, in een later stadium is de mogelijkheid om weer 38 uur te gaan werken nadrukkelijk in de CAO ingepast. Het personeelstekort werd daarmee iets verminderd omdat enkele van de huidige medewerkers meer uren gingen werken. Waren daarmee alle capaciteitsproblemen opgelost? Nee, de opbouw van het personeelsbestand, de heersende roostercultuur en grote onderlinge afhankelijkheid van de uitvoerenden en het operationeel management maakt het noodzakelijk capaciteitsmanagement in breder perspectief te bezien.
Opsporing in Hollands Midden: een leidende ontwikkeling in ondersteunende processen(Archief)
Hollands Midden is, net als vele andere korpsen in Nederland, druk doende met het optimaliseren van haar organisatie. Procesmanagement is hier een van de dominante bewegingen in. De aanzet voor deze oriëntatie is medio 1996 gelegd binnen de opsporingsprocessen. In dit artikel wordt aangegeven hoe (en waarom) deze ontwikkeling destijds is gestart en hoe deze in de loop der tijd is verbreed naar terreinen buiten de wereld van opsporing.
Decentraal, tenzij: Nu het 'tenzij' nog(Archief)
Er is iemand op mysterieuze wijze om het leven gekomen. De lokale politie is bezig met het sporenonderzoek en met het horen van getuigen. Plotseling verschijnen grote grijze auto's. Mannen met donkere pakken en zonnebrillen stappen uit. De leider stapt op de plaatselijke politiechef af en zegt: 'wij zijn van de FBI. Bedankt voor de moeite, maar vanaf hier nemen wij het over'. Vervolgens zijn er twee plots mogelijk. De held, een FBI-man, lost de zaak op ondanks de tegenwerking van de incapabele of zelfs corrupte lokale sheriff. In de andere versie ligt de sympathie bij de plaatselijke politie. De dorpsagent is de arrogante en bureaucratische FBI te slim af.
De recherche in Nederland: regionale en bovenregionale voorzieningen in beeld(Archief)
De recherche in Nederland vormt allesbehalve een eenheid. Binnen de reguliere politie is de recherche verspreid over 25 korpsen, 6 kernteams, het Korps landelijke politiediensten (KLPD) of het landelijk rechercheteam (LRT) en de rijksrecherche. Daarnaast houdt een groot aantal bijzondere opsporingsdiensten (BOD'en), de Koninklijke Marechaussee (Kmar) en zijdelings ook de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) zich met rechercheactiviteiten bezig. In dit overzichtsartikel passeren de diverse recherchemodaliteiten en spelers op de recherchemarkt in vogelvlucht de revue.
